Kroniek van een doodgeboren regering
Morgen kan u als kiezer nogmaals uw stemrecht laten gelden. Niet dat we het ondertussen verleerd zouden zijn. De laatste jaren is het immers een vallen en opstaan gebleken van de ene wankele regering naar de andere. Hoe de kaarten er nu voor liggen heeft het er alle schijn naar dat morgen geen grote ommekeer wacht. Als we de peilingen mogen geloven zitten we dan met een verkiezingsoverwinnaar waarmee de helft van het land niet door dezelfde deur kan. Bovendien zal deze gedoodverfde winnaar straks met diezelfde mensen de taak moeten aanvangen om de twistpunten uit te klaren dewelke hij zelf op de spits heeft gedreven. Alvast niet echt een rooskleurig perspectief op politieke stabiliteit.
Hoe lang zal het duren eer op basis van dergelijke tegenstellingen een regering wordt gevormd? En voor de cynicus, hoe lang dan eer in zulk vijandig klimaat er weer de stekker wordt uitgetrokken? De vicieuze cirkel waarin ons land zich bevindt wordt door de burger zelf in de hand werkt. Deze vraagt zich immers telkens terecht af wat de zin van dit alles nog is, na zoveel opeenvolgende nutteloos gebleken machtswissels. Vervolgens gaat hij toch maar weer braaf – want verplicht – stemmen. Vanuit een gevoel van teleurstelling gaat die stem dan naar radicale verandering en wie het best op dat gevoel wist in te spelen met een alternatieve, uitgesproken en rechtlijnige visie, verwordt tot koningsmaker van de verkiezingen.
De geschiedenis heeft reeds vele van deze koningsmakers gebaard. Veelal was het de bode van verandering, doch veelal niet in positieve zin. De aandachtige lezer denkt hierbij misschien spontaan aan bepaalde personen binnen de vaderlandse en internationale geschiedenis, en niet aan deze of gene partij. Personencultus is in deze dan ook belangrijker dan partijpolitiek. FPÖ, LPF, en PVV zijn voorbeelden van partijen in het buitenland van wie de naam de meesten onder ons niet onmiddellijk een belletje doet rinkelen, doch iedereen kent Jörg Haider, Pim Fortuyn en Geert Wilders.
Hetzelfde geldt in België voor LDD en VB. Sinds kort hebben respectievelijk Dedecker en De Winter echter gezelschap gekregen. In zoverre zelfs dat zij politiek irrelevant geworden zijn. De derde éénmanspartij, die er vroeger geen was, betreft de N-VA. Het ene boegbeeld is het andere natuurlijk niet. Bart De Wever heeft net zo veel gemeen met pakweg een Dedecker of Fortuyn dan een kat met een hond. Hetzelfde geldt voor aller respectievelijke politieke partijen. Niettegenstaande zijn ze toch één voor één de gepersonifieerde versie van hun politieke partij. De stemmen die morgen geteld worden voor de N-VA zijn dan ook in het gros van de gevallen stemmen voor de persoon Bart De Wever, en slechts in mindere mate voor de partijpolitieke visie van de N-VA.
Dit is een reeds beproefd recept tot ontgoocheling achteraf. Zijn radicale visie is immers niet gestoeld op constructieve dialoog en kan de vicieuze cirkel van instabiliteit derhalve geen halt toeroepen. Ofwel breekt De Wever met zijn radicale visie en verliest hij alle geloofwaardigheid (en daarmee in de toekomst zijn kiezers), ofwel is een nieuwe regering met hem erin dood geboren. In het laatste geval is het terug naar af binnen afzienbare tijd, en dan is het slechts wachten op een nieuwe De Winter, Dedecker of Bart De Wever die de misnoegde kiezers weet naar zijn hand te zetten. Studies geven aan dat vooral deze kiezers zouden thuis blijven wanneer de stemplicht wordt afgeschaft. Het overwegen waard ?